Daar sta ik weer te vloeken bij de kassa. Binnensmonds, de medewerker kan er immers ook niets aan doen. Maar het bedrag dat ik moet afrekenen voor alle biologische producten is ongeveer het dubbele van wat ik anders had moeten betalen, schat ik. Ik overdrijf niet.
Supermarkten en groothandels weten dat. Een klein deel van het publiek is bereid om in de beurs te tasten voor ‘bio’. Daarom kunnen die prijzen schandalig hoog worden gehouden. Op die manier blijft de doelgroep klein, en is het voor de voedselproducenten ondoenlijk om massaal over te schakelen op biologische landbouw. En zo blijft het aandeel biologische landbouw in ons land al jarenlang met minder dan vijf procent beschamend steken op één van de laagste niveaus in Europa.
Intussen gaat onze vergiftiging gewoon door. PFAS via vis uit vervuild water, microplastics via theezakjes, pesticiden via groente en fruit. Ja, je kunt zeggen dat het noodzakelijke gewasbeschermingsmiddelen zijn; ja, je kunt zeggen dat het allemaal onder de norm blijft; ja, je kunt zeggen dat het in andere landen nog veel erger is. Maar terwijl we ons verliezen in semantische discussies, hoopt de gifbelt zich op in onze lichamen, onherroepelijk.
En niemand wil het. Ook niet die akkerbouwer, die mij vertelt dat hij zijn aardappelpercelen tegenwoordig tweemaal per week moet spuiten tegen phytophthora, waar twintig jaar geleden nog eens in de veertien dagen volstond. Ook niet die maistelende veehouder, die gedwongen door grondhonger een perceel pacht waar vorig jaar nog bloembollen op werden geteeld, een teelt vol chemie waarvan de restanten dit jaar vanuit de bodem in de mais zullen trekken die de veehouder aan zijn koeien zal voeren voor onze zuivel.
Maar als niemand het wil, hoe kunnen we dit dan doorbreken? In onze kapitalistische maatschappij, waarin alle partijen worden gedwongen zich te richten op kostenefficiëntie, mag je van een boer niet verwachten dat die zomaar de chemie laat staan. Mag je van de voedingsindustrie niet verwachten dat die hun producten niet mengen met goedkope ongezonde rotzooi. Mag je van supermarkten niet verwachten dat die de bestverkopende producten zullen voorzien van een sticker ‘gif’.
Er is maar één partij die de lijn kan ombuigen. De overheid. Op allerlei manieren kan die het spel beïnvloeden. Liefst in Europees verband, omdat die markt nu eenmaal veel groter en bepalender is. Ja, dat is manipulatie; wat denk je dat de voedselindustrie doet? Het verschil: de één kun je manipuleren richting gezondheid, de ander doet dat richting ziekte.
Maar de overheid is politiek georganiseerd. En politiek wil het graag mensen naar de zin maken, anders worden de volgende verkiezingen verloren.
Dus de mensen … ja, wíj moeten het doen. Wíj moeten betaalbaarheid van gezond voedsel afdwingen. Wíj moeten laten weten dat gezondheid onze grootste zorg is, een gezond ecosysteem dat hand in hand gaat met gezonde mensen. Dat kunnen we doen met petities, acties, stemgedrag of consumentengedrag.
Alleen wij. Het is aan ons.
[Kolumn Bart Kingma – Friesland Post juli 2026]

